platte-knoop.gif (3467 bytes)

Mammoettanker "Pacific Glorie" geborgen

PG00.jpg (34678 bytes)
Zo lag de "Pacific Glorie" er bij vr aanvang van de berging. Geboeid op een bank ligt het door explosies en
brand vernielde achterschip tot het schot tussen de ladingtanks 5 en 4 onder water.

HET WAS IN DE NACHT VAN 23 OP 24 OKTOBER, dat de met 75000 ton ruwe olie geladen  Liberiaanse tanker “Pacific Glorie”, op weg van Nigeria naar Rotterdam Europoort, bij St. Catharina Point werd aangevaren door de eveneens onder Liberiaanse vlag varende tanker “Allegro”. De “Pacific Glorie” (77648 ton dwt, in 1966 gebouwd) kreeg zware beschadigingen aan stuurboord achterschip, terwijl de “Allegro” slechts lichte averij opliep. Korte tijd na de aanvaring hadden er enkele explosies plaats in de machinekamer, de pompkamer en in tank 5 stuurboord.
Er brak brand uit op het achterschip van de “Pacific Glorie”, waardoor  de bemanning in allerijl het schip moest verlaten. De ramp kostte helaas het leven aan dertien, meest Chinese, opvarenden. De aanvaring was goeddeels aan ondeskundigheid te wijten. Als de schepen zich aan de aanbevolen vaarroutes hadden gehouden, zou het ongeluk niet zijn gebeurd. Op het fatale ogenblik had op beide tankers de derde officier de wacht; de officier van de “Allegro” kon zich niet op het bezit van enig diploma beroemen en hetzelfde gold voor twee machinisten van de “Pacific Glorie”. Dergelijke toestanden waren kenmerkend voor schepen die onder goedkope vlag voeren.

Als gevolg van aanvaring en ontploffingen kwamen machinekamer , achterpiek en pompkamer onder water te staan, terwijl een hoeveelheid olie kon ontsnappen uit de zwaar beschadigde ladingtank 5 aan stuurboord. Het gevolg was een olieveld dat zich over zee verspreidde en de kusten van Zuid Engeland en Frankrijk bedreigde. Langs de Britse zuidkust werd alarm geslagen. Te vers lag nog in de herinnering de ramp die de tanker “Torrey Canyon” drie jaar geleden veroorzaakte na stranding op de Seven Stones bij de Scilly eilanden, toen de stranden aan beide zijden van het Kanaal over een grote afstand op bijna catastrofale wijze door olie werden besmeurd.
De hulp in de eerste uren kwam van de zijde van de Britse Admiraliteit die direct schepen naar de plaats van de ramp zond om met het bestrijden van de brand welke in de accommodatie op het achterschip van de “Pacific Glorie” woedde en het bestrijden van het olieveld op zee aan te vangen. Inmiddels kon men de tanker naar ondiep water slepen met de bedoeling het schip voorlopig aan de grond te zetten wat vrij snel gelukte. De “Pacific Glorie”, waarvan het achterschip steeds dieper in zee kwam te liggen, kon aan de oostkant van Wight op 5 mijl ten Westen van NAB-tower op een bank aan de grond worden gezet.

PG01.jpg (41048 bytes)
Op deze foto is duidelijk te zien dat de accomodatie op het achterschip volledig door het vuur
is verwoest en dat het aangrenzende deel van het hoofddek onder water staat.

Hulp snelt toe

smithbank.1%20(1) (46521 bytes)Het was in de middag van zaterdag 24 oktober dat de hulp van L. Smit & Co’s Internationale Sleepdienst werd ingeroepen voor de berging van de “Pacific Glorie” waarin vrijwel de gehele lading nog aanwezig was. Contract werd gesloten op basis van Lloyd’s Open Form. Als eerste vertrok de NRS-sleepboot Smithbank (foto rechts) uit Europoort met aan boord een grote hoeveelheid brandbestrijdingsmiddelen en materiaal voor de berging, waaronder elektrische dompelpompen voor het eventueel overpompen van een deel van de lading olie uit de “Pacific Glorie”.
Uit Zeebrugge werden onder Smit’s contract de Unionboten “Jean Marie Gerling” en “Wielingen” naar Wight gezonden, terwijl een bergingsploeg de volgende morgen per chartervliegtuig, dat ook bergingsmateriaal meenam, naar Zuid Engeland vloog.
Van den Tak’s bergingsvaartuig “Orca” kreeg extra materiaal aan boord en vertrok eveneens naar het Kanaal. Bovendien werd in de loop van zaterdag de sleepboot “Noordzee”, die op de Azoren op station lag, naar de “Pacific Glorie” gedirigeerd. Ook de “Orinoco” die in de Maassluise haven lag, werd met de meeste spoed klaargemaakt om zich eveneens naar de plaats van de ramp te begeven.

orca.jpg (25486 bytes)   wielingen.urs%20(5) (24646 bytes) 
Boven: de "Orca"  en "Wielingen" waren reeds zondagmorgen ter plaatse.

noordzeeIV1.jpg (41643 bytes)
De "Noordzee" vertrok van de Azoren naar het Kanaal

orinoco.jpg (72155 bytes)
En de "Orinoco" werd van Maassluis naar de plaats van de ramp gestuurd

Een deel van de lading moet worden gelost

Reeds zondagmorgen waren de “Smithbank”, “Wielingen” en “Jean Marie Gerling” ter plaatse. Het bleek dat de brand toen was geblust en de tanker aan de grond was gezet. Het achterschip lag diep in zee. Van het achterschip stak alleen nog een gedeelte van de opbouw boven water uit, terwijl de zeen braken over het hoofddek boven de achterste tanks.
Onmiddellijk na aankomst van het chartervliegtuig maakten o.m. de heren Rom Colthoff  en Gelderblom een inspectietocht naar de aan de grond zittende “Pacific Glorie”. Het was duidelijk dat eerst een gedeelte van de lading moest worden gelost voor maatregelen konden worden genomen de tanker vlot te brengen en te verslepen. Er zou een tanker langszij van de “Pacific Glorie” moeten worden gemeerd waarna met de elektrische dompelpompen lading uit tanks van het achterschip zou moeten worden overgepompt.

De ontvanger van de lading van de “Pacific Glorie”, de Shell, stelde zijn tanker “Halia” ter beschikking die op dinsdag 27 oktober bij de “Pacific Glorie” aankwam. Diezelfde dag werden vanuit Nederland nog meer dompelpompen gezonden.
Een dag later kwam de sleepboot “Noordzee” bij Wight aan en ging voorlopig voor anker.
De weersomstandigheden waren gunstig zodat op 29 oktober de tanker “Halia” langszij van de “Pacific Glorei” kon worden gemanoeuvreerd en vastgemaakt. Direct werd met het overpompen van lading uit tank 4 begonnen. Lang heeft dit lossen echter niet geduurd want reeds de volgende dag wijzigden de weersomstandigheden zich in ongunstige zin. In de morgen van 30 oktober nam de wind toe uit het west-zuidwesten, kracht 5 tot 6. Er liep op de bank weldra een deining van anderhalve meter wat noopte tot het weghalen van de “Halia”. Alle werkzaamheden moesten worden stopgezet. De sleepboten bleven in de nabijheid van de “Pacific Glorie” standby. Intussen had het bergingsvaartuig “Bever” de “Orca” afgelost en was n van de Belgische sleepboten naar haar basis teruggekeerd.

PG03.jpg (72110 bytes)
Een luchtfoto van het achterschip van de "Pacific Glorie" Duidelijk is te zien hoe ver
het achterste gedeelte van het hoofddek onder waterstaat. In het midden van de foto is
de werkboot van de sleepboot "Noordzee"zichtbaar.


PG02.jpg (53034 bytes)
Fenders van grote afmetingen waren nodig om de tanker "Halia"
zonder gevaar voor beschadiging langszij de "Pacific Glorie" te houden

btn_ptxt.gif (1008 bytes)       anker.gif (999 bytes)       btn_ntxt.gif (1014 bytes)